Welke hechtingsstijl heb jij eigenlijk? Ik vroeg het vorige week aan een vriendin toen we het over relaties hadden.
Ik kom het laatste tijd vaak tegen, in gesprekken en in wat ik lees. Hoe mensen omgaan met veiligheid in relaties en welke strategieën ze daarvoor ontwikkelen. De één zoekt bijvoorbeeld meer nabijheid wanneer er spanning ontstaat, de ander neemt juist meer afstand om weer rust te ervaren.
Achter die bewegingen zit zelden een gebrek aan liefde. Het is vaker een manier waarop ons zenuwstelsel ooit heeft geleerd om veiligheid te vinden. En dat al in je jongste jaren. Want als je als kind niet hebt kunnen leren hoe je met grote emoties om kon gaan, omdat die regulatie niet werd gespiegeld of voorgedaan, waar moeten die gevoelens dan naartoe? Als je steeds opnieuw de ervaring krijgt dat jouw grenzen of gevoelens weinig ruimte krijgen, wat leer je dan over jezelf?
Als kind kies je daar niet bewust voor. Je past je aan, omdat verbinding belangrijker is dan authenticiteit. En daarmee raak je soms een deel van jezelf kwijt.
Later in het leven kunnen juist die oude beschermingsmechanismen opnieuw zichtbaar worden in relaties.
Rond mijn dertigste had ik een lange relatie met een zielsverwant. Hoe gek ik ook op haar was, ik was, volledig in lijn met wat ik zelf had meegemaakt, emotioneel niet echt beschikbaar voor haar en haar gevoelens. Ik verlangde wel naar verbinding, maar wist niet goed hoe ik mezelf daarin werkelijk kon laten zien. Ik was ervan overtuigd dat als zij werkelijk zou zien wat ik allemaal had meegemaakt, ze me zou verlaten. Want wie kan er nu houden van iemand die diep vanbinnen is gaan geloven dat hij geen liefde waard is?
Het is nu precies twintig jaar geleden dat die relatie, volkomen terecht, voorbijging. Ze liet me zien dat, hoeveel pijn en verdriet ik ook had meegedragen, ik uiteindelijk zelf verantwoordelijk ben voor hoe ik met die pijn omga en voor het gedrag dat daaruit voortkomt.
Het was een lange weg om mijn hart weer te openen. Eerst voor mezelf. Pas daarna voor anderen.
Juist door steeds meer compassie voor mezelf toe te laten, groeide ook mijn vermogen tot zelfreflectie. Natuurlijk word ik nog geraakt. Oude pijn verdwijnt niet zomaar. Soms reageer ik nog vanuit een oude wond. Maar steeds weer vind ik de weg terug naar mijn hart. Zo reageer ik niet langer vanuit wat ooit was, maar kan ik aanwezig blijven bij wat er nu is.
Eindelijk….



